Startgesprekken (10-minutengesprekken)
Aan het begin van ieder schooljaar organiseren wij startgesprekken voor ouder en kind. Tijdens dit gesprek staat de kennismaking centraal en kijken we samen naar een goede start van het schooljaar. We vinden het belangrijk om al vroeg in het jaar verwachtingen met elkaar te delen en inzicht te krijgen in wat een kind nodig heeft om zich prettig te voelen en zich goed te kunnen ontwikkelen.

Het startgesprek is een waardevol moment waarop ouders, kind en leerkracht elkaar beter leren kennen. We horen graag wat ouders belangrijk vinden, waar het kind trots op is en welke aandachtspunten er mogelijk zijn. Samen leggen we zo een sterke basis voor een goede samenwerking gedurende het schooljaar.

Oudergesprekken (10-minutengesprekken)
Gedurende het schooljaar vinden er meerdere momenten plaats waarop we met ouders in gesprek gaan over de ontwikkeling van hun kind. In de groepen 1 tot en met 7 organiseren we drie keer per jaar 10-minutengesprekken. In groep 8 gebeurt dit twee keer per jaar, gezien de specifieke focus op de overgang naar het voortgezet onderwijs.

Tijdens deze gesprekken informeren wij ouders en kinderen over het welbevinden, de ontwikkeling en de schoolprestaties van hun kind. We vinden het belangrijk om niet alleen naar resultaten te kijken, maar juist ook naar hoe een kind in zijn vel zit, hoe het leert en wat het nodig heeft om verder te groeien.

Het rapport, dat twee keer per jaar wordt meegegeven, vormt hierbij een belangrijk uitgangspunt. Dit rapport geeft een overzicht van de ontwikkeling van het kind op verschillende leergebieden. Tijdens de gesprekken lichten we het rapport toe en is er volop ruimte voor vragen, toelichting en het samen bespreken van vervolgstappen.

Wij zien deze gesprekken als een gezamenlijke verantwoordelijkheid: alleen door goed samen te werken en open met elkaar in gesprek te blijven, kunnen we het beste uit elk kind halen. Daarom vinden we het belangrijk om laagdrempelig contact te houden en elkaar gedurende het hele schooljaar te kunnen vinden wanneer dat nodig is. 

Bij alle gesprekken sluiten ook de kinderen zelf aan. Zo praten we niet over het kind, maar vooral ook met het kind.